Het Kröller-Müller Museum heeft installaties voor elektrische energieverdeling en warmte- en koudeopwekking. De energieverdeling en de voedingsleidingen van deze installaties voldeden niet meer aan de wettelijke eisen. De aanpassingen van Grontmij resulteerden in een verbeterde energieverdeling. Daarnaast werd het mogelijk om in de toekomst gebruik te maken van een grotere noodstroomvoorziening.
Minimale overlast
De realisatie van de nieuwe installaties diende dusdanig uitgevoerd te worden dat de bedrijfsprocessen van het museum minimale overlast zouden hebben. Brandbeveiliging en inbraakbeveiliging dienden altijd goed te functioneren, de installaties voor het binnenklimaat mochten niet of slechts korte tijd buiten bedrijf zijn en de bezoekers dienden geen overlast van de werkzaamheden te hebben. Dit vroeg om een gedetailleerde planning waarin duidelijk de wijze van realisatie was opgenomen.
Hoger lichtniveau
Grontmij ontwikkelde een betere verlichting waarbij zo min mogelijk afbreuk werd gedaan aan het oorspronkelijke lichtplan van de architect. Dit resulteerde in een ongeveer 50% hoger lichtniveau. Om dit te bereiken gebruikten we armaturen met PL-R-lampen. Deze lampen van 14 Watt zijn qua licht vergelijkbaar met standaardlampen van 18 Watt. De PL-R-lamp heeft een bajonetvoet waardoor lampwisseling eenvoudiger is en de reflectoren minder worden vervuild. De toegepaste armaturen zijn voorzien van noodverlichting.
Eenvoudige bediening
Ook wilde het museum de mogelijkheid om verlichting afhankelijk van onder andere de tentoonstelling en het buitenlichtniveau te kunnen schakelen en bedienen. Door de nieuwe armaturen uit te rusten met Dali-voorschakelapparaten die gekoppeld zijn aan het gebouwbeheersysteem, is elke armatuur afzonderlijk te bedienen en te dimmen. Voor de koppeling van de Dali-voorschakelapparaten en het gebouwbeheersysteem zijn aanvullende softwaremodulen gerealiseerd. Hierdoor is het nu mogelijk om met een touchscreen alle verlichting in het museum te bedienen.
Energiebesparing
Door effectief gebruik te maken van de verlichtingsschakelingen en standaard voorinstellingen, kreeg het museum extra mogelijkheden om energie te besparen. Door het dimmen van armaturen en aanwezigheidsafhankelijke schakeling wordt inmiddels circa 30% bespaard op de energiekosten voor verlichting.