4 jan 2012 |
Vastgoed in de boeken
In augustus maakte de Autoriteit Financiële Markten (AFM) bekend welke vier thema’s komend jaar nader worden onderzocht. Een van deze thema’s is het waarderen van vastgoedbeleggingen. Dit is sinds de schuldencrisis meer dan voorheen een actueel thema. De focus van het onderzoek ligt met name op belangrijke veronderstellingen die zijn gehanteerd bij het bepalen van de reële waarde van de vastgoedbelegging.
De waardering van vastgoed is voor een groot deel gebaseerd op aannames en inschattingen van de betreffende taxateur. Dat betekent dat over zaken zoals huurwaarde, toekomstverwachtingen, courantheid en de te hanteren marktconforme kapitalisatiefactor verschil in visie kan bestaan. Andere zaken zijn echter feitelijk van aard, zoals het verhuurbaar oppervlak, de resterende huurtermijnen en de feitelijk betaalde huurprijs.
Vanuit onze rol als adviseur voor pensioenfondsen vinden wij het best-in-class als er roulerend wordt gewerkt met onafhankelijke taxateurs die werken volgens erkende richtlijnen (bijvoorbeeld die van het Royal Institute of Chartered Surveyors). Afhankelijk van het type belegging past een bijpassende taxatiefrequentie. Zo zal bij een open-end-fonds het best-in-class zijn als er ook per kwartaal wordt getaxeerd.
Bij de beoordeling van taxaties gaat het vooral om het kritisch toetsen van de vaste uitgangsunten maar ook naar de consistentie van de uitgevoerde waarderingen. Het gaat hierbij vooral om de vraag of de waarderingen in lijn zijn met de marktvisie en of de taxateur in voldoende mate heeft gecorrigeerd voor de specifieke omstandigheden van de verschillende objecten. Deze werkwijze zorgt er mede voor dat uw vastgoedbeleggingen met reële waarde in de boeken staan.